De opperste bron van zingeving

Gerelateerde afbeelding

In deze manier van denken was God niet alleen de opperste bron van zingeving, maar ook de hoogste autoriteit. Zingeving en autoriteit gaan altijd hand in hand. Degene die de betekenis van ons handelen bepaalt – of het goed of slecht is wat we doen, rechtvaardig of onrechtvaardig, mooi of lelijk – heeft automatisch het gezag om ons te vertellen wat we moeten denken en hoe we ons moeten gedragen. Gods rol als bron van alle betekenis en gezag was niet alleen een filosofische theorie. Hij beïnvloedde het dagelijks leven in al zijn facetten. Stel dat in 1300 een getrouwde vrouw in een klein Engels stadje een oogje op de buurman kreeg en met hem de koffer in dook. Terwijl ze terug naar huis sloop en met een heimelijk glimlachje haar jurk gladstreek, tuimelden haar gedachten door haar hoofd: Wat was dat nu? Waarom deed ik dat? Was het goed of slecht? Wat zegt het over mij? Moet ik het nog een keer doen? Om dat soort vragen te beantwoorden werd de vrouw geacht naar de plaatselijke priester te gaan om te biechten en de heilige vader om advies te vragen. De priester kende de Bijbel vanbinnen en vanbuiten en wist daar kantoorruimte huren hilversum precies in te vinden wat God van overspel vond. Met het eeuwige woord van God in de hand kon de priester met grote zekerheid vaststellen dat de vrouw een doodzonde had begaan en dat ze die direct goed moest maken, anders ging ze naar de hel. Ze moest dus onmiddellijk berouw tonen, tien goudstukken doneren voor de komende kruistocht, de komende zes maanden geen vlees eten en een pelgrimstocht ondernemen naar de graftombe van St. Thomas Becket in Canterbury. En uiteraard mocht ze die vreselijke zonde niet nog een keer begaan. Tegenwoordig gaat het heel anders. Het humanisme vertelt ons al eeuwen dat wij zelf de ultieme bron van zingeving zijn en dat onze vrije wil dus het hoogste gezag is. We hoeven niet te wachten tot een of andere externe entiteit ons vertelt hoe het zit, maar kunnen vertrouwen op onze eigen gevoelens en verlangens. We worden van kinds af aan gebombardeerd met humanistische slogans die ons vertellen dat we ‘naar onszelf moeten luisteren, onszelf kantoorruimte huren rotterdam trouw moeten blijven, op onszelf moeten vertrouwen, ons hart moeten volgen, moeten doen wat goed voelt’. Jean-Jaques Rousseau heeft het allemaal opgesomd in zijn roman Émile, de achttiende-eeuwse bijbel van het gevoel. Rousseau vond de gedragsregels van het leven ‘in de diepten van mijn hart, door de natuur opgesteld in onuitwisbare letters. Ik hoef alleen maar bij mezelf te rade te gaan over dat wat ik wil doen; wat naar mijn gevoel goed is, is goed, wat naar mijn gevoel slecht is, is slecht.’

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *